Daar sta ik dan. Het is ochtend. De zon piept net door de gordijnen en ik ben bezig met ochtendoefening 1 van de 7. Ik zak door mijn knieën en zet af. Ik spring.
“Joep,” zegt mijn brein.
Ik land en veer weer op.
“Joep,” zegt mijn brein nog een keer.
Het is niet meer te stoppen. Waar ik vroeger misschien dacht aan “kracht”, “aarding” of “mannelijke energie”, denk ik nu alleen nog maar aan een stuiterende mannennaam, die in het woordenboek staat.
Het begon allemaal vorige week tijdens die mannenworkshop. Een plek voor diepgang, oerkracht en kwetsbaarheid. Ik was er op de fiets heen gegaan, lekker door de regen! Toevallig was het ook een verzamelplaats voor mannen die Joep heten. Niet één, maar twee stuks. Alsof het universum mij een hint wilde geven.
Terwijl ik daar in die cirkel zat te contempleren over mijn eigen mannelijkheid, zat de kosmos waarschijnlijk te giechelen: “Laten we hem omringen met Joepen en kijken wat er gebeurt als hij straks weer gaat springen.”
En nu sta ik hier op mijn zolder lekker te springen. Bij mijn mannencirkel noemt men dit “joepen”. Een onschuldig woord voor lekker veren en loslaten, zou ik denken. Totdat ik het vanmorgen even op zocht.
Plotseling krijgt mijn ochtendgymnastiek een heel andere lading.
Terwijl ik ritmisch op en neer dein — Joep… Joep… Joep — flitst die ene zin uit WikiWoordenboek door mijn hoofd: “Waar sommige mannen blind hun jongeheer achterna joepen…”
Ik stop even, halverwege een sprong.
Ben ik nu aan het ‘joepen’ in de zin van aarden en krachtig worden? Of ben ik, volgens de nogal cynische definitie van het woordenboek, mijn jongeheer achterna aan het springen? En hoe ziet dat er eigenlijk uit?
Ik kijk naar beneden. Alles zit nog op zijn plek. Ik ben een man.
Dan spring definitie nummer 3 mij te binnen: “Stelen, jatten.”
Ik kijk wantrouwig naar buiten. Staat mijn fiets er nog? Of hebben Joep 1 en Joep 2 die vorige week gejoept terwijl ik bezig was met mijn mannelijkheid?
Ik schud mijn hoofd en begin weer te springen. Joep-Joep. Joep-Joep.
Misschien is dit wel de ultieme test van mannelijke kracht: serieus blijven kijken en mijn innerlijke krijger voelen, terwijl ik op en neer hups op het ritme van een kleuterliedje, met de wetenschap dat het woord ook ‘zaklopen’ kan betekenen.
Ik besluit het te omarmen. Ik ben een man. Ik sta in mijn kracht. En ik joep het leven tegemoet.
Geschreven door Koen Linders (geholpen door Gemini) op 25 november 2025